Midden-Oosten
Nieuwe golf van strijd in Tunesië na regeringsaanval op vakbonden
|
|
|
- “No fly zone” in Libië. Neen aan de buitenlandse interventie
- Massaal protest in het Midden-Oosten en Noord-Afrika: Hoe verder met de revolutie in Egypte?
- Jemen. Armsten onder de armen komen in beweging
- Egypte. Jarenlange arbeidersstrijd vormde de basis voor revolutie vandaag
- Tunesië, Egypte,… Welke perspectieven en welk programma voor de massa’s?
- Een terugblik op de Eerste Intifada (1987-1993)



Op zaterdag 25 februari betoogden duizenden mensen in het centrum van Tunis in wat een van de grootste betogingen in maanden was. De actie kwam er na een aanval op de vakbond UGTT de afgelopen weken. Verschillende vakbondslokalen werden vernield. Het ging om gecoördineerde acties die onderdeel waren van een poging om het vakbondsverzet tegen het asociale beleid van de pro-kapitalistische Ennahda-regering te breken. Dat is mislukt, het geweld leidde tot nieuwe grote betogingen. De bevolking wil haar rechten en de revolutie verdedigen.
Op 14 januari werd de eerste verjaardag van de val van dictator Zine El Abidine Ben Ali in Tunesië gevierd. We spraken in het kader van een internationale bijeenkomst van het CWI eind januari met twee linkse socialisten die in Tunesië actief zijn en sympathisanten van het CWI zijn. We hadden het over de stand van zaken in Tunesië een jaar na de val van Ben Ali en de taken van socialisten de komende periode.
De verkiezingen voor een Grondwetgevende Vergadering die op 29 oktober in Tunesië werden gehouden, waren het resultaat van een enorme strijd met revolutionaire massamobilisaties op het begin van het jaar. Zeker na de tweede bezetting van het Kasbah-plein was de omvang van de mobilisatie immens.
Er was een massale mediacampagne op televisie, op de radio, in de kranten, op straat,... om de Tunesische bevolking ervan te overtuigen om deel te nemen aan de verkiezingen van 23 oktober. Het nieuwe parlement moet de grondwet herschrijven en een nieuwe voorlopige regering verkiezen om tenslotte de data voor parlements- en presidentsverkiezingen te bepalen. Achter het ‘succesverhaal’ van de verkiezingen gaat een toenemende woede van onderuit schuil.
Gedurende maanden stond het imperialisme aan de grond genageld wanneer ze hun blik wenden op Noord-Afrika en het Midden-Oosten. Bevriende dictators in Egypte en Tunesië werden op geen tijd door een massabeweging van de macht verdreven. Alles werd in het werk gesteld om de regimewissels in die landen te beperken tot het veranderen van marionetten aan de top zonder fundamentele sociale verandering. Maar de uitgebroken revoluties hadden als een lopend vuurtje de regio besmet met het gevoel en de overtuiging dat de onderdrukte massa’s komaf konden maken met de dictatoriale en pro-kapitalistische regimes.
Na zes lange maanden van bloedige aanhoudende strijd, werd de omverwerping van het dictatoriale regime van Khadaffi gevierd door brede lagen van de bevolking. Opnieuw moet een dictator die niet aarzelde om zichzelf en zijn omgeving privileges toe te kennen de aftocht blazen. De directe betrokkenheid van het imperialisme werpt echter een donkere schaduw over de toekomst van de revolutie. De aanhoudende gevechten in Tripoli en elders maken duidelijk dat de situatie onstabiel is en dat de revolutie die in februari begon op heel wat vlakken stuurloos is.
Er is in Tunesië nog steeds een sfeer van massale aandacht voor politiek en betrokkenheid bij wat gebeurt. Er gaat geen dag voorbij zonder een betoging of zonder een verdachte zet van elementen van de oude elite die meteen leidt tot spontane acties op straat. De revolutie komt nu echter in meer troebel water terecht. De vreugde en het optimisme van de eerste dagen wordt deels overschaduwd door een groeiende bezorgdheid over het feit dat er vier maanden na de val van Ben Ali weinig echt is veranderd.
De Israëlische heersende klasse beeft op haar voetstuk. Ze wordt geconfronteerd met het begin van een massabeweging geïnspireerd op de zogenaamde ‘Arabische Lente’, de revolutionaire golf in het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Ook langs Palestijnse kant vrezen de leiders van Fatah en Hamas de gevolgen van deze revolutionaire golf. Ze reageerden op een zelfde manier: eerst werd geprobeerd om de betogingen te stoppen, vervolgens deden ze zichzelf voor als aanhangers van “verandering” waarbij beperkte veranderingen werden doorgevoerd. Maar intussen is er een nieuwe generatie van Palestijnse jongeren die de strijd tegen de bezetting aangaat.
Het linkse socialistische parlementslid Paul Murphy (Socialist Party, Ierland) neemt deel aan de hulpvloot die humanitaire hulp wil brengen aan de bevolking van de Gazastrook. In 2010 was er al zo’n hulpvloot, maar die werd in internationale wateren aangevallen door het Israëlische leger. We spraken met Paul Murphy net voor zijn vertrek.
Met de revolutionaire bewegingen in Tunesië en Egypte werd aangetoond dat verandering op basis van massastrijd terug op de agenda staat. Nu wordt duidelijk dat dit revolutionair proces complex verloopt en nieuwe uitdagingen opwerpt. Het verdrijven van dictators is niet overal eenvoudig en op zich volstaat het niet om tot reële verandering te komen.
Een Russisch CWI-lid trok recent naar Egypte voor discussies met linkse activisten, jongeren en vakbondsmilitanten. Net voor zijn bezoek vielen er verschillende doden in confrontaties tussen islamisten en Koptische christenen in Imbabe. Dat incident toont het gevaar van reactie en contrarevolutie. Zoals het verslag hieronder aantoont, blijft het revolutionaire potentieel sterkt. De centrale taak voor activisten en de revolutionaire massa’s bestaat uit het opbouwen van hun eigen sterke organisaties op basis van een onafhankelijk socialistisch programma.